Stage en praktijkervaring

Livepatiënten

Tijdens de vaklessen wordt zo nu en dan een livepatiënt uitgenodigd. De klassikaal afgenomen anamnese van deze patiënt wordt in alle vaklessen geanalyseerd, uitgewerkt en gekoppeld. Studenten oefenen zo in een praktijksetting om verbanden te zien en verdieping op te doen tussen de verschillende disciplines.

Stage

Daarnaast doe je gedurende de vijfjarige opleiding praktijkervaring op tijdens interne en externe stages. De stages vormen een onderdeel van het totale leerplan en dienen gezien te worden als een verdieping van de ervaring die wordt opgedaan aan de hand van thuisopdrachten en practica tijdens contactdagen en praktijkweekenden. Er zijn drie stageperiodes: ze beginnen bij het oriënteren in het werkveld van natuurgeneeswijzen naar zelfstandige beroepsuitoefening als praktiserend natuurgeneeskundige of klassiek homeopaat. 
De totale duur van de stages beslaat 120 contacturen. De drie stageperiodes zijn verdeeld over vier collegejaren van de opleiding en zijn als volgt:

Stageperiode 1: Oriënteren

De eerste stageperiode oriënteert de student zich door het waarnemen van de verschillende werkvelden. Hoe werken anderen? Welke werkwijze verkies ik, na observatie van de verschillende werkvelden van Klassieke homeopathie en Natuurgeneeskunde? In welke discipline wil ik verder gaan studeren?

  • Eerste studiejaar: 20 uur
  • Tweede studiejaar: 20 uur

Stageperiode 2: Participeren

De tweede stageperiode participeert de student in de stages. Er dient een beeld gevormd te worden over zichzelf in relatie tot de cliënt en de stagegever aan de hand van de anamneses. Hoe verhoudt de student zich tot de gekozen vakrichting met de bijbehorende methodes?

  • Derde studiejaar: 40 uur

Stageperiode 3: Praktiseren

De derde stageperiode ontwikkelt de student een eigen werkwijze binnen de vakdiscipline onder supervisie. De stageperiode verloopt geheel onder verantwoordelijkheid van de stagegever samen met de student.

  • Vierde studiejaar: 40 uur

De hoofddoelstellingen van de stages zijn als volgt:

  • De student oriënteert zich op de verschillende werkvelden van zowel Klassieke homeopathie als Natuurgeneeskunde in de praktijk, zodat hij/zij een duidelijke keuze ontwikkelt welke discipline hij/zij zich eigen wil maken.
  • Nadat de specialisatie keuze is gemaakt, participeert de student bij de begeleidende stagegever en gaat de student c.q stagiaire zelf (gedeeltelijk) anamneses afnemen onder toezicht van de stagegever.
  • De student maakt een keuze over de door hem/haar te volgen werkwijze en stijl en begint de eigen praktijk vorm te geven onder supervisie van een stagegever of een docent.

Het einddoel van de stage is dat de student een zodanige beroepsvaardigheid verwerft, dat de kwaliteit van de beroepsuitoefening in voldoende mate is gewaarborgd en hij/zij als beginnend beroepsbeoefenaar aan de slag kan.

Interne en externe stages

De HvNA beschikt over een eigen stagecentrum, waar patiënten van buiten worden ontvangen. Patiënten worden door studenten aangedragen of kunnen zichzelf aanmelden als livepatiënt bij de HvNA. Onder supervisie nemen ouderejaars studenten de anamnese af en werken deze vervolgens met medestagiaires uit. In de specialisatie Natuurgeneeskunde leidt dit tot het opstellen van een behandelplan en kan de patiënt ter plekke behandeld worden door de medestagiaires middels lichaamsgericht werk als bijvoorbeeld een massage. De interactie tussen de studenten uit de verschillende studiejaren maakt deze interne stage extra leerzaam. Stagebegeleiders voor Natuurgeneeskunde zijn docente LGW Irma van Dort en docente Bachtherapie Selma Bijl, met ondersteuning van Mirjam Blok.

Studenten kunnen naast de interne stages ervaring op doen bij natuurgeneeskundig therapeuten of klassiek homeopaten die al enige tijd werkzaam zijn in het veld. De stagedag wordt ingevuld afhankelijk van de leerfase waarin de student zich bevindt. De HvNA beschikt over een lijst van adressen voor externe stages.

Praktijkweekend

Met het praktijkweekend brengen twee jaarlichtingen studenten Natuurgeneeskunde samen tijd door op een mooie locatie in Nederland. Het geleerde wordt dan in gemengde groepen in praktijk gebracht, buiten de comfortzone van de eigen klas. De interactie tussen de twee jaren is een verrijking: de jongerejaars leren van de ouderejaars en vice versa, en geeft gelegenheid tot netwerken. Het zorgvuldig in elkaar gezette programma biedt ruimte voor verdieping van de vaardigheden, maar ook voor ontspanning en plezier.