Therapeutische ontwikkeling
De HvNA gaat er vanuit dat persoonlijke ontwikkeling tot therapeut onontbeerlijk is voor het therapeutisch handelen. Hierin worden, naast cognitieve aspecten van het therapeutschap, ook de emotionele aspecten en de persoonlijke stijl van handelen van de student, meegenomen.
De persoonlijke ontwikkeling staat ten dienste van de therapeutische relatie. Alleen hij die zichzelf kent, kan zichzelf in het contact met de ander meenemen. Dat is geen eenvoudige leerweg, maar het vormt wel de kern van de therapeutische relatie. De therapeutische ontwikkeling vormt de ruggengraat van de gehele opleiding. De persoonlijke ontwikkeling staat hierbij centraal. Onderwijs begint daarom bij de behandelaar-in-spe, de student zelf.
Het doel van de therapeutische ontwikkeling is te komen tot een therapeutische grondhouding. In deze therapeutische grondhouding is de therapeut zelf het instrument. De therapeut krijgt geen instrumentarium aangereikt, maar hij dient zichzelf tot instrument te ontwikkelen. Dat wil zeggen dat hij aangesproken wordt op zijn fundamentele vermogens, te weten: het denken, voelen en willen. Om dit te bewerkstelligen is de therapeutische ontwikkeling opgezet in twee onderscheiden leerroutes: therapeutische vorming en therapeutische groei.
